Op de grote heidevelden van Kroondomein Het Loo worden delen
gedomineerd door begroeiing van bosbessen en vossenbessen met
struikheide. Dat is een heidetype dat landelijk gezien vrij
zeldzaam is. Het komt alleen voor op plaatsen waar het veel regent.
In Nederland is dat het gebied aan de oostflank van de Veluwe.
Zeldzame soorten op deze heidevelden zijn stekelbrem, kruipbrem en
borstelgras. Verspreid over de heidevelden komen verder bloemrijke
vormen van het heischrale grasland voor. Deze graslanden zijn
waardevol. Bijzondere plantensoorten die hier voorkomen zijn: fraai
hertshooi, wilde tijm, maanvaren, liggende vleugeltjesbloem en
agrimonie. Op de noordhellingen en onder grote vliegdennen komt
kraaiheide voor. Daar is het koeler dan elders op de heidevelden en
dat is de noodzakelijke leefomgeving voor kraaiheide. Rond
leemkuilen zijn soorten als boswilg, wilde appel, zoete kers en
meidoorn te vinden. Ook komen zeldzame boskruiden voor zoals
knollathyrus, valse salie, bosanemoon, gebogen beukvaren en groot
heksenkruid. In natte heidegebieden worden zonnedauw,
kartelblad, gevlekte orchis, moeraswolfsklauw, beenbreek, grondster
en klokjesgentiaan aangetroffen. Op de taluds van de sprengen
zijn bijzondere varens als gebogen driehoeksvaren en dubbelloof te
vinden.